Die vreselijke morgen

‘Waar zouden we zonder morgen zijn? Dan zouden we alleen maar vandaag hebben. En als dat zo moest zijn, tussen jou en mij, dan zou ik hopen dat vandaag een heel lange dag was. Dan zou ik mijn vandaag helemaal met jou vullen, en alles doen waar ik ooit van heb gehouden. Ik zou lachen en praten, luisteren en leren, en ik zou van je houden en genieten. Ik zou van elke dag vandaag maken, en ik zou al die dagen met jou doorbrengen, en ik zou me nooit meer zorgen maken om morgen, wanneer ik niet meer bij jou kan zijn. En als die vreselijke morgen ooit komt, weet dan dat ik je niet in de steek wilde laten, en dat ik ook niet zelf in de steek gelaten wilde worden, en dat elk moment dat ik met jou heb doorgebracht het beste moment van mijn leven was.’