Festival-fever, en waarom ik niet naar Lowlands ga

music-festival

Waarom ga ik als chronisch-ziek-persoon naar meerdaagse muziekfestivals? Die vraag krijg ik vaak gesteld. Hoe vind ik de energie om me overeind te houden in de waanzin en de drukte van een festival? Energie is iets dat bij mij extreem schaars is sinds het ongeval, dus waarom doe ik het mezelf aan en hoe weet ik het vol te houden?

En dan leg ik uit dat zo goed mogelijk voor mezelf zorg, dat ik veel slaap, dat ik tussendoor dutjes doe, dat ik voor de muziek ga, en niet voor de alcohol en de andere pleziertjes, dat ik geen feestbeest ben die de hele nacht doorgaat, dat ik na de headliner gewoon mijn tentje in kruip om te slapen. Maar dat de vermoeidheid en de uitputting opwegen tegen de mentale energie die een festival me geeft, de “lust for life”. Want dat is wat ik nodig heb: lust for life. Na het ongeval ben ik alleen maar aan het vechten en het knokken tegen alle instanties die wat van me willen: de verzekeringsmaatschappij van de tegenpartij, het UWV, de externe instantie die mijn ex-werkgever in dienst heeft genomen om mij het leven zuur te maken, en vooral aan het knokken met mijn eigen beperkingen.
Drie dagen lang met vrienden in de zon genieten van fijne muziek – mijn passie – laat me zien waar ik het allemaal voor doe, dat ik nog niet afgeschreven ben (zoals ik me vaak wel voel), maar vooral dat het leven ook nog een beetje leuk is. Want over het algemeen vind ik mijn leven niet leuk. Drie dagen festival geven me een ontsnapping aan dat niet-leuke leven, en dat is hard nodig.

Maar ik geloof dat ik na een week van wikken en wegen zojuist definitief de beslissing heb genomen om niet naar Lowlands te gaan dit jaar. Down the Rabbit Hole was in juni geen succes. Naast het feit dat ik me alleen voelde (niet zo raar wanneer je solo naar een festival gaat, maar wat was dat een enorme overwinning!), wogen de plussen niet tegen de minnen op: alles wat ik wilde zien was op dezelfde dag en tegelijkertijd geprogrammeerd, het slechte weer en het drassige terrein maakten dat ik niet mijn Lamzac kon opwerpen om even een dutje te doen tussen twee acts in, en ik heb zeker 2 weken nodig gehad om fysiek te herstellen. Het was het niet waard.

Mijn belangrijkste doelen voor de korte termijn zijn fysiek sterker worden en meer (quality) tijd doorbrengen met mijn monsters. Lowlands zal mijn lijf weer een ontzettende terugslag geven (zeer waarschijnlijk heftiger dan voorheen, omdat ik gestopt ben met medicatie en daar nog van aan het herstellen ben), waardoor ik fysiek dus niet aansterk, en ik ook nog eens minder tijd kan doorbrengen met mijn monsters (want mama is moe). En ik voel me al zo’n ongelooflijk slechte moeder.
Dus wat is nu belangrijker? Waar liggen mijn prioriteiten? Bij de quick fix om even alle zorgen te vergeten? Of bij mijn lichamelijke herstel en mijn kinderen?

Het voelt vreselijk volwassen, dit besluit. Het kleine meisje in me is aan het stampvoeten dat het niet eerlijk is, en dat ze het leuk wil hebben. Maar rust is belangrijker op het moment. Ik wil beter-der worden, en dat bereik ik niet door naar Lowlands te gaan. Maar fuck, wat is dit een gevecht met mezelf.

I’ll carry your world | And all your hurt

Ik zit in een dal. Een groot, diep dal zonder uitweg. Ik kan ‘m in ieder geval niet vinden. Ik ben niet meer dat stoere meisje dat zo hard aan het vechten is om beter te worden. Dat meisje dat niet opgeeft, maar dat blijft doorzetten en knokken om de dingen te kunnen blijven doen die haar energie geven. Zij is weg. Ik daarentegen wil wegrennen. Ik wil vluchten. Elke dag vraag ik me nog iets harder af waarom ik niet gewoon ben gestorven. Ter plekke. Want ik haat dit leven. Ik wil zo niet oud worden. Eenzaam, op bed, in het donker.

Maar opgeven is geen optie. Punt. Dus ik vecht met mijn laatste resten energie kleine gevechten en hoop op betere tijden. De antidepressiva heb ik de deur uitgegooid. Wil ik hier doorheen komen, dan moet ik voelen. Dat vertelt mijn instinct me tenminste. Want ik ben mezelf kwijt geraakt onderweg. Alles wat mij definieerde, is niet meer. Dus wil ik door, dan moet ik eerst mezelf weer zien te vinden. Bij mezelf komen. Voelen. Maar hoe?

En dan hoor ik een liedje. Een liedje van een band waarvan je eigenlijk niet meer mag zeggen dat je van hun muziek houdt. In de beginjaren van de band was ik groot liefhebber. Als ik me rot voelde, zette ik hun muziek op. De teksten leken voor mij geschreven, de stem van de zanger raakte me tot op het bot. Het gaf me kracht, of zorgde er in ieder geval voor dat ik het leven weer een schop onder zijn kont wilde geven.
De afgelopen jaren bekoelde de liefde een beetje. De band werd me te commercieel en hun muziek zette ik niet meer op wanneer ik me rot voelde. Tot dat liedje gisterochtend. Opeens op de wekkerradio. Het leek alsof de zanger alleen voor mij zong. Alsof die tekst alleen voor mij was geschreven. Alsof ze snapten waar ik mee worstel en ze me wilden laten weten dat het goed komt. En de tranen liepen over mijn wangen.

Dus fok it. Ik hartje Coldplay. Hun muziek gaat weer aan. En wie weet vind ik mezelf daardoor weer een beetje…

Pick of the Week: Empire of the Sun – Alive

Je hebt de nieuwe Empire of the Sun misschien al ergens voorbij horen komen, maar nu is ook de clip officieel verschenen. Reden te meer om er even aandacht aan te besteden.

Alive is het eerste nummer van het nieuwe album, het vervolg op Walking on a Dream uit 2008. Het is inderdaad dus even stil geweest rond het Australische dance-duo.

Voor mij doet Alive verlangen naar warme zomeravonden vol feestende mensen, cocktails en heel veel plezier. Met dit nummer op kan ik niet wachten tot het festivalseizoen echt begint. Helaas kunnen we Empire of the Sun dit jaar niet bewonderen op de Nederlandse festivals.

Ice on the Dunes – het nieuwe album – verschijnt op 18 juni.

Pick of the week: Wolf Alice – Bros

Wolf Alice is een vierkoppige indierockband uit Londen onder leiding van Ellie Roswell. Ze brachten in 2012 hun eerste EP uit en het nummer Fluffy kreeg aardig wat airplay op BBC radio. Muziekmagazine Clash beschreef de band als “the lovechild of folk and grunge”.

Veel inleiding voor gewoon een ontzettend lekker nieuw nummer van deze band. Smaakt het je zo naar meer? Check ze dan live op London Calling op zaterdag 18 mei in de Tolhuistuin.

Enjoy!

Pick of the week: The National – Demons

The National is een indierockband uit de Verenigde Staten, bestaande uit twee paar broers en zanger Matt Berringer. De band maakt heerlijk donkere en melancholische muziek.

Op 20 mei kunnen we eindelijk de opvolger van het succesvolle en bejubelde album High Violet verwachten: het zesde studioalbum Trouble Will Find Me. Vandaag is de eerste single Demons uitgekomen.

 

The National speelt dit jaar op Rock Werchter en staat in het najaar in de HMH.

Pick of the week: The Boxer Rebellion – Diamonds

Op 14 mei komt het vierde studio-album uit van The Boxer Rebellion, genaamd Promises. Als teaser voor het album brachten ze deze week alvast de nieuwe single Diamonds uit. En dat was mijn kennismaking met de band. Liefde op het eerste gehoor: ik kan niet stoppen met het draaien van dit nummer.

The Boxer Rebellion staat voor melancholische rock met galmende gitaren en de ingetogen stem van zanger Nathan Nicholson. Wat mij betreft de perfecte combinatie. Wat vind jij?

Mister and Mississippi, Paradiso, 20 februari 2013

Mr Mississippi Paradiso

In de bomvolle, uitverkochte bovenzaal van Paradiso liet Mister and Mississippi afgelopen woensdag horen waarom 2013 hun jaar wordt. Eerder wisten ze het publiek al te betoveren in de voorprogramma’s van Blaudzun en Patrick Watson, maar in Paradiso kregen ze de zaal vanaf het openingsnummer zelfs muisstil. Er worden dan ook excuses aangeboden in het publiek wanneer een bekertje luid op de grond valt.

Net als op het album laten de bandleden live ook zien hoe goed ze zijn, als muzikant, maar vooral ook samen als band. De beheersing van hun instrumenten is overduidelijk, maar nog meer hun liefde, hun passie voor muziek. Ze genieten zichtbaar en lijken zelfs verbaasd dat het publiek met volle teugen en helemaal stil staat te genieten. Hun stemmen vullen elkaar prachtig aan, wat zorgt voor een prachtige samenzang en meerdere malen kippenvel. En uitbreiding van die kippenvel krijg je wel bij de kleine, fijne, intieme liedjes van Mister and Mississippi die groots en vol eindigen.

Mister and Mississippi is niet alleen een genot om naar te luisteren, maar ook om naar te kijken en live te ervaren. Ga ze zien!

Kun je niet zo lang wachten, kijk dan de 3voor12-registratie van het concert: